-50
500
Bewaar pagina
COLLECTIE
Onderdeel van de Romeinse weg

Alle gegevens

Wat later bekend zou staan als de Neder-Germaanse limes bestond aan het begin van de Romeinse tijd uit weinig meer dan een onverhard pad ten zuiden van en parallel aan de Rijn. De Romeinse stadhouder Agrippa benoemt de weg in 20-19 v.Chr. tot via militaris.

Hereweg

Via militaris, of hereweg, wil zeggen dat het leger deze weg gaat gebruiken voor het transport van troepen en materieel. Later, als er meer verdedigingswerken langs de Rijn komen, vormt de via militaris de verbinding tussen legerplaatsen en grensforten. Bovendien geeft de weg aansluiting op verbindingswegen met het binnenland van het Romeinse imperium.

Afstanden in leugae.
Symbolisch

Onder keizer Claudius (41-54) verschijnen de eerste mijlpalen langs de Romeinse weg. Hierop staat in leugae, een Gallische maat van 2,2 km, de afstand tussen de vestingwerken aangegeven. In de provincie Utrecht zijn deze palen niet teruggevonden, maar in het Zuid-Hollandse Rijswijk is een exemplaar aangetroffen uit het jaar 250. Op het Domplein in Utrecht staat tegenwoordig deze symbolische replica, daar geplaatst tijdens het Romeinenjaar 1997.

Nieuwe inzichten

In datzelfde jaar 1997 kunnen archeologen tijdens opgravingen bij De Meern zo’n 1400 meter van de Romeinse limesweg in kaart brengen. Een jaar later wordt in Vleuterweide nog een weggedeelte van ruim een kilometer in kaart gebracht. Recente opgravingen in Leidsche Rijn zorgen voor nog meer inzicht in de aard en het onderhoud van deze ‘Romeinse A1’.

Tussen land en water.
Overstromingen

De weg volgde min of meer de rivierloop van de Kromme Rijn. Op sommige plaatsen naderde de weg de rivier zeer dicht, zodat de via militaris werd bedreigd door overstromingen. Dit leidde tot diverse oeververstevigingen, waaronder een beschoeiing van eikenhouten staanders. Ook zijn resten aangetroffen van loskades, waar materialen voor de bouw van de limesweg aan land werden gebracht.

Strijd tegen het water

De strijd tegen het water is kenmerkend voor de aanleg van de Romeinse rijksgrens in het Nederlandse rivierengebied. Waarschijnlijk waren de investeringen in mankracht en geld even hoog als bij de aanleg van de - veel uitgebreidere - verdedigingswerken langs het Duitse deel van de limes. Wellicht is de weg bij ons daarom ook smaller dan daar; twee karren konden elkaar hier met moeite passeren.

Grint

Uit de opgravingen bleek dat er sprake was van verschillende wegtypen, afhankelijk van de landschappelijke ligging. Op de hooggelegen ‘droge’ trajecten was de weg niet meer dan een grindbed met een of twee greppels voor de afwatering. Op lagergelegen natte stukken was de weg aangelegd op een ‘dijkje’ van klei en zand, al dan niet met een beschoeiing van elzenhout. Het plaveisel bestond hier eveneens uit grind. Op andere plaatsen is zwaarder geschut gevonden: zo werd de verhoogde weg bij Veldhuizen bijeengehouden door een kistwerk van palen, planken en trekbalken. Ook rijshout en biezen matten dienden hierbij ter versteviging.

Aanleg van een weg door Romeinse soldaten.
Romeinse soldaten kappen bos.
Onderhoud

De restanten hout van de voormalige limesweg zijn onderworpen aan een jaarringenonderzoek. Hieruit komen twee belangrijke perioden naar voren: de jaren 99-100 en 124-125. In die jaren is de Nederlandse limesweg flink onderhanden genomen, zijn er diverse reparaties uitgevoerd en verstevigingen aangebracht. Voor die bouwcampagnes kwam eikenhout uit de Duitse wouden, basalt uit de Eifel en grind uit het centraal- of oost-Nederlandse rivierengebied.

Keizerlijk bezoek

De ingrijpende renovaties lijken samen te hangen met de komst naar onze gebieden van de keizers Trajanus (in 98) en Hadrianus (in 122). Doel van beide heersers leek te zijn om de infrastructuur en de communicatielijnen aan de grens van Neder-Germanië te verbeteren, zodat dit gebied toekon met een kleinere bezettingsmacht. De soldaten van het Romeinse leger waren nodig bij oorlogshandelingen in het hart van het Romeinse rijk.

Sestertius met afbeelding van keizer Hadrianus (voorzijde).